Lustrum congres 2007
Door Tobias Dekkers en Caroline Richards
Eind oktober was het dan zo ver, de Studentenvereniging voor Internationale Betrekkingen (SIB) mocht haar twaalfde lustrum vieren. Een hele week lang konden de leden zich vermaken met allerlei verschillende activiteiten. Zo kregen we op woensdag 31 oktober de mogelijkheid om een hele dag te discussiëren over de geschiedenis van Europa, de Europese Unie (EU) en de toekomst van de Europese samenwerking. Een zeer gevarieerd gezelschap aan Europa-deskundigen uit de Europese politiek, de academische wereld en het bedrijfsleven zou ons hierbij ondersteunen, aanmoedigen en waar nodig uitleg geven. Hieronder een verslag van een mooie, interessante en enerverende dag.
Iedereen werd geacht mooi aangekleed om 13u aanwezig te zijn in Het Kasteel aan de Kraneweg, waar iedereen beneden in de hal warm ontvangen werd en naast een naambordje ook een euro goodybag kreeg uitgereikt. Na een kopje koffie en een plakje cake mocht iedereen de zaal in en hield Daan Stipdonk, onze voorzitter, een openingspraatje. Vervolgens kwam de heer Wallage, de burgemeester van Groningen, even langs om de dag officieel te openen. Hij bekende een zwak te hebben voor de SIB en blij te zijn met het feit dat deze vereniging de stad Groningen en haar internationale dimensie promoot. Daarna was het woord aan de heer Bosscher, erelid van de SIB en hoogleraar Eigentijdse Geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) én dagvoorzitter van dit congres. Zijn welkomstwoord werd opgevolgd door de een lezing van Laurens-Jan Brinkhorst, die zich vooral richtte op vragen als ‘Waartoe dient de EU?’ en ‘Wat zijn de uitdagingen voor Europa in de nieuwe wereld?’. Het was een indrukwekkend verhaal dat vooral de goede kanten van de EU aanstipte en ons aanspoorde om ons in te zetten voor Europese samenwerking. Dit is hard nodig om het model van de EU (promotie van wereldvrede) te laten dienen als tegenhanger van het model van de Verenigde Staten (zeer gericht op het individu) en het Chinese model (gebrek aan mensenrechten). Uitspraken (danwel geleend, danwel zelf bedacht) die bleven hangen: ‘Gisteren is slechter dan vandaag, morgen is beter dan vandaag’ en ‘De EU was nog nooit zo nodig als nu, maar is tegelijkertijd ook nog nooit zo in twijfel getrokken’. Vervolgens stond er ‘infotainment’ op het programma en wij werden dan ook getrakteerd op een mooi in elkaar gezet filmpje over Europa. Naast deskundigen kwamen ook ‘gewone’ burgers aan het woord die antwoord gaven op vragen als ‘Wat betekent Europa voor jou?’ en ‘Wat merk je ervan in het dagelijkse leven?’ Na dit luchtige uitstapje was het tijd voor een lezing van Eppo Jansen, journalist en voormalig hoofd bureauvoorlichting van het Europees Parlement (EP). In het programma stond de naam van de heer Max van den Berg maar die kon helaas niet komen en de heer Jansen was zo vriendelijk om in te vallen. In zijn verhaal haalde hij eerst zijn band met Groningen aan (‘een deel van mijn familie komt uit Groningen’) om vervolgens over te stappen op zwaardere onderwerpen als referenda in het algemeen en dan in het bijzonder vooral het referendum over de ‘Europese Grondwet’. Hij is van mening dat er beter geen referenda over verdragen gehouden kunnen worden omdat die door de kiezers vaak voor heel andere doeleinden worden gebruikt. Zo gebeurt het regelmatig dat mensen tegen iets stemmen vanwege politieke kwesties die op dat moment in het geheel niet ter discussie staan.
Na deze lezing was het tijd om bij te tanken door middel van een kopje koffie of thee, om daarna op weg te gaan naar de betreffende zaal voor de ronde ‘Om-de-tafel-met’. Iedereen had zich van tevoren kunnen inschrijven voor een gesprek met een persoon naar keuze. De bedoeling was dat de SIB-leden onder begeleiding van bijvoorbeeld de heer Weisglas (voormalig voorzitter van de Tweede Kamer), de heer van Hasselt (voorzitter van de vertegenwoordiging van de Europese Commissie in Nederland) of professor De Wilde (hoogleraar Internationale Betrekkingen aan de RUG) een discussie zouden aangaan over Europa en de (verschillende instellingen van de) Europese Unie.
In alle kamers was een klein velletje met stellingen gelegd om zodat de groep in ieder geval op een aantal onderwerpen terug kon vallen. Gelukkig was dit nauwelijks nodig, en had iedere kamer wel zijn eigen manier om de tijd in te vullen. Zo bestond in de kamer van Dhr. Bertholee een leuke discussie tussen de studenten en de sprekers. De heer Weisglas koppelde zelf het discussie uurtje terug naar een eerder gegeven lezing over het zogenaamde “dubbelmandaat” – politici in de Tweede Kamer nemen dan ook plaats in het Europese Parlement. De columnist Brill ging hier echter nog een paar stappen in verder en nam het touw geheel in eigen handen en vulde zijn “Om-detafel-met” zoals je verwacht van een kritische columnist. Voornamelijk zelf aan het woord, en geen goed woord te zeggen over de afgelopen pro-Europa speeches. Over het algemeen hing er een tevreden sfeertje over de discussies waaraan de bezoekers hadden deelgenomen.
Deze tevredenheid kwam nauwelijks in de buurt met de blijdschap toen de studenten terug kwamen naar de hoofdzaal en het heerlijke buffet zagen staan. Een meterslange rij aan heerlijke gerechten en verschillen de soorten pasta’s. De bezoekers konden in prachtige kamers genieten van heerlijke eten met een lekker drankje erbij. Een heerlijk momentje rust voordat het avondprogramma begon.
Na het diner zouden verschillende intensieve workshops gegeven worden over een variatie van onderwerpen. Zo behandelde Dhr. Trienekens, lid van het Raad van Bestuur van de Gasunie, het handelsaspect van de Europese Unie, Luitenant-generaal Rob Bertholee de defensie, de Ambassadeur van Bulgarije Zlatin Trapkov het effect van de nieuwe lidstaten, en dhr. Postema, medeoprichter van het Galileo programma over ruimtelijke initiatieven.
De workshop begeleiders gaven ieder een erg eigen wending aan de bijeenkomst. Zo leek het Galileo, mede van het lastige onderwerp, steeds meer op een kleine lezing van Rob Postema terwijl in de workshop over cultuur van Professor Klamer intensieve interactie ontstond waardoor het een echte workshop bleef. Dan ontstaat het idee dat er geen verschil te zijn tussen de workshops en de ronde “Om-de-tafelmet”, maar deze was er wel. Het subtiele verschil tussen beide interactieve rondes leek vaak de formaliteit te zijn. Waarbij de eerste ronde vaak bij een informeel gesprek bleef, was de workshop vaak goed voorbereid door de begeleider met power-point presentaties en een goed verhaal. De tweede ronde leek beter gestructureerd waarbij er naar een doel gewerkt werd.
Dit werd ook terug gezien in het grootschalige debat wat aan het eind van de avond ontstond. Een debat waar vele sprekers aan meededen met een actief publiek die vragen en opmerkingen afvuurden op de begeleiders van de workshops. Het was een waardige afsluiting van een bijzonder succesvol congres gevuld met competente en sympathieke sprekers, critici, en workshopbegeleiders, heerlijk eten, en een gezellige borrel.
Eind oktober was het dan zo ver, de Studentenvereniging voor Internationale Betrekkingen (SIB) mocht haar twaalfde lustrum vieren. Een hele week lang konden de leden zich vermaken met allerlei verschillende activiteiten. Zo kregen we op woensdag 31 oktober de mogelijkheid om een hele dag te discussiëren over de geschiedenis van Europa, de Europese Unie (EU) en de toekomst van de Europese samenwerking. Een zeer gevarieerd gezelschap aan Europa-deskundigen uit de Europese politiek, de academische wereld en het bedrijfsleven zou ons hierbij ondersteunen, aanmoedigen en waar nodig uitleg geven. Hieronder een verslag van een mooie, interessante en enerverende dag.
Iedereen werd geacht mooi aangekleed om 13u aanwezig te zijn in Het Kasteel aan de Kraneweg, waar iedereen beneden in de hal warm ontvangen werd en naast een naambordje ook een euro goodybag kreeg uitgereikt. Na een kopje koffie en een plakje cake mocht iedereen de zaal in en hield Daan Stipdonk, onze voorzitter, een openingspraatje. Vervolgens kwam de heer Wallage, de burgemeester van Groningen, even langs om de dag officieel te openen. Hij bekende een zwak te hebben voor de SIB en blij te zijn met het feit dat deze vereniging de stad Groningen en haar internationale dimensie promoot. Daarna was het woord aan de heer Bosscher, erelid van de SIB en hoogleraar Eigentijdse Geschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) én dagvoorzitter van dit congres. Zijn welkomstwoord werd opgevolgd door de een lezing van Laurens-Jan Brinkhorst, die zich vooral richtte op vragen als ‘Waartoe dient de EU?’ en ‘Wat zijn de uitdagingen voor Europa in de nieuwe wereld?’. Het was een indrukwekkend verhaal dat vooral de goede kanten van de EU aanstipte en ons aanspoorde om ons in te zetten voor Europese samenwerking. Dit is hard nodig om het model van de EU (promotie van wereldvrede) te laten dienen als tegenhanger van het model van de Verenigde Staten (zeer gericht op het individu) en het Chinese model (gebrek aan mensenrechten). Uitspraken (danwel geleend, danwel zelf bedacht) die bleven hangen: ‘Gisteren is slechter dan vandaag, morgen is beter dan vandaag’ en ‘De EU was nog nooit zo nodig als nu, maar is tegelijkertijd ook nog nooit zo in twijfel getrokken’. Vervolgens stond er ‘infotainment’ op het programma en wij werden dan ook getrakteerd op een mooi in elkaar gezet filmpje over Europa. Naast deskundigen kwamen ook ‘gewone’ burgers aan het woord die antwoord gaven op vragen als ‘Wat betekent Europa voor jou?’ en ‘Wat merk je ervan in het dagelijkse leven?’ Na dit luchtige uitstapje was het tijd voor een lezing van Eppo Jansen, journalist en voormalig hoofd bureauvoorlichting van het Europees Parlement (EP). In het programma stond de naam van de heer Max van den Berg maar die kon helaas niet komen en de heer Jansen was zo vriendelijk om in te vallen. In zijn verhaal haalde hij eerst zijn band met Groningen aan (‘een deel van mijn familie komt uit Groningen’) om vervolgens over te stappen op zwaardere onderwerpen als referenda in het algemeen en dan in het bijzonder vooral het referendum over de ‘Europese Grondwet’. Hij is van mening dat er beter geen referenda over verdragen gehouden kunnen worden omdat die door de kiezers vaak voor heel andere doeleinden worden gebruikt. Zo gebeurt het regelmatig dat mensen tegen iets stemmen vanwege politieke kwesties die op dat moment in het geheel niet ter discussie staan.
Na deze lezing was het tijd om bij te tanken door middel van een kopje koffie of thee, om daarna op weg te gaan naar de betreffende zaal voor de ronde ‘Om-de-tafel-met’. Iedereen had zich van tevoren kunnen inschrijven voor een gesprek met een persoon naar keuze. De bedoeling was dat de SIB-leden onder begeleiding van bijvoorbeeld de heer Weisglas (voormalig voorzitter van de Tweede Kamer), de heer van Hasselt (voorzitter van de vertegenwoordiging van de Europese Commissie in Nederland) of professor De Wilde (hoogleraar Internationale Betrekkingen aan de RUG) een discussie zouden aangaan over Europa en de (verschillende instellingen van de) Europese Unie.
In alle kamers was een klein velletje met stellingen gelegd om zodat de groep in ieder geval op een aantal onderwerpen terug kon vallen. Gelukkig was dit nauwelijks nodig, en had iedere kamer wel zijn eigen manier om de tijd in te vullen. Zo bestond in de kamer van Dhr. Bertholee een leuke discussie tussen de studenten en de sprekers. De heer Weisglas koppelde zelf het discussie uurtje terug naar een eerder gegeven lezing over het zogenaamde “dubbelmandaat” – politici in de Tweede Kamer nemen dan ook plaats in het Europese Parlement. De columnist Brill ging hier echter nog een paar stappen in verder en nam het touw geheel in eigen handen en vulde zijn “Om-detafel-met” zoals je verwacht van een kritische columnist. Voornamelijk zelf aan het woord, en geen goed woord te zeggen over de afgelopen pro-Europa speeches. Over het algemeen hing er een tevreden sfeertje over de discussies waaraan de bezoekers hadden deelgenomen.
Deze tevredenheid kwam nauwelijks in de buurt met de blijdschap toen de studenten terug kwamen naar de hoofdzaal en het heerlijke buffet zagen staan. Een meterslange rij aan heerlijke gerechten en verschillen de soorten pasta’s. De bezoekers konden in prachtige kamers genieten van heerlijke eten met een lekker drankje erbij. Een heerlijk momentje rust voordat het avondprogramma begon.
Na het diner zouden verschillende intensieve workshops gegeven worden over een variatie van onderwerpen. Zo behandelde Dhr. Trienekens, lid van het Raad van Bestuur van de Gasunie, het handelsaspect van de Europese Unie, Luitenant-generaal Rob Bertholee de defensie, de Ambassadeur van Bulgarije Zlatin Trapkov het effect van de nieuwe lidstaten, en dhr. Postema, medeoprichter van het Galileo programma over ruimtelijke initiatieven.
De workshop begeleiders gaven ieder een erg eigen wending aan de bijeenkomst. Zo leek het Galileo, mede van het lastige onderwerp, steeds meer op een kleine lezing van Rob Postema terwijl in de workshop over cultuur van Professor Klamer intensieve interactie ontstond waardoor het een echte workshop bleef. Dan ontstaat het idee dat er geen verschil te zijn tussen de workshops en de ronde “Om-de-tafelmet”, maar deze was er wel. Het subtiele verschil tussen beide interactieve rondes leek vaak de formaliteit te zijn. Waarbij de eerste ronde vaak bij een informeel gesprek bleef, was de workshop vaak goed voorbereid door de begeleider met power-point presentaties en een goed verhaal. De tweede ronde leek beter gestructureerd waarbij er naar een doel gewerkt werd.
Dit werd ook terug gezien in het grootschalige debat wat aan het eind van de avond ontstond. Een debat waar vele sprekers aan meededen met een actief publiek die vragen en opmerkingen afvuurden op de begeleiders van de workshops. Het was een waardige afsluiting van een bijzonder succesvol congres gevuld met competente en sympathieke sprekers, critici, en workshopbegeleiders, heerlijk eten, en een gezellige borrel.






